Als huishoudelijke
hulp kom je vaak bij veel verschillende mensen thuis. En
als je al een aantal jaar bij een gezin over de vloer komt, dan
zou je zeggen dat je je weg wel weet te vinden in het huis.
Mieke van den Berg ervoer dat dat niet altijd opgaat. Ze werkte
al een paar jaar als interieurverzorgster bij verschillende
gezinnen en had het erg naar haar zin. Mieke kende de huizen
van haver tot gort, maar toch ging het een keer mis. Ze kwam
vanuit de keuken en liep met een emmertje sop de gang op. Ze
struikelde over het vloerkleed, met als gevolg een gebroken
been. Daardoor was Mieke wekenlang uit de running. Mieke was
dus zelf gestruikeld, maar in het huis van haar baas. Wie moet
in dit geval opdraaien voor de financiële gevolgen van dit
bedrijfsongeval? Mieke zelf of haar werkgever, tevens de
eigenaar van het huis waar het ongeluk plaatsvond?
Feit: Als
er sprake is van een werkgevers/werknemersverhouding (dat
blijkt onder andere uit de gezagsverhouding tussen werkgever en
werknemer), kun je de schade verhalen op de eigenaar van de
woning. Dus als je betaald wordt voor opdrachten die je moet
verrichten (zoals strijken, stofzuigen en afwassen), kun je je
werkgever aansprakelijk stellen.
Mieke heeft haar werkgever
aansprakelijk gesteld voor de schade. Gelukkig reageerde deze
daar goed op. Mieke kreeg zes weken lang fysiotherapie en ze
kon die weken natuurlijk niet bij haar werkgever en andere
werkgevers aan de slag. Haar begrijpende baas betaalde haar
door, zodat ze geen last had van inkomstenderving.
Mieke had dus veel geluk, maar wat als
er sprake was geweest van zwart werk?
Feit: Ook
zwarte verdiensten komen in principe in aanmerking voor een
vergoeding. Uiteraard zullen deze dan wel aannemelijk gemaakt
moeten worden. Daarnaast is de uiteindelijke vergoeding meestal
netto.
Inmiddels is Mieke weer volledig aan
het werk en zien de huizen die ze schoonmaakt er weer spic en
span uit.